UPC: het verschil tussen goed en slecht

UPC is een heerlijk bedrijf. Wij zijn dol op breedband.
Breedband gaat, zo denken wij, de wereld veranderen. Iedereen krijgt toegang tot
alles. De informatiemaatschappij wordt werkelijkheid.
 
Eindelijk! En dit dankzij een paar ondernemende Amerikanen die, wij boffen,
zich in Nederland gevestigd hebben. Wij geven toe, neen, wij zijn er bijna trots
op dat wij meegedaan hebben aan de IPO. Goed, wat later hebben we verkocht. Dat
was (enorm oppassen hier want UPC zijn wel leuke jongens maar hun advocaten zijn
keihard en voordat je het weet wordt je gedagvaard) omdat de koers opeens geen
associaties meer opriep met bergbeklimmen, maar met skiën.
 
Wij zeggen dit natuurlijk expres, want bij de volgende dagvaarding kunnen
we claimen dat we heel sportief over UPC geschreven hebben.
 
Rest de vraag waarom dat aandeel nou zo’n duikvlucht nam. Daar hebben we
ons de laatste dagen over gebogen en we hebben goed nieuws voor u: we zijn er
eindelijk achter.
 
We begonnen met een paar stukken te lezen van een oude rot in het vak, onze
vriend Henk Slotboom. Vervolgens ploegden wij door wat 10 Q documenten heen. Wij
vergaten wat er om ons heen gebeurde,zo fascinerend was dat.
 
Wij kwamen tot een heel andere conclusie dan Slotboom. Slotboom vindt het
gevaarlijk wanneer een bedrijf zich te diep in de schulden steekt. Wij niet. Wij
vinden dat spannend.
 
Wij begrijpen dan ook heel goed dat UPC voor sommigen een strong buy is.
Vooral vorige week, op 8.65 euro hadden wij het graag gekocht.
 
Inmiddels werd Slotboom gedagvaard door UPC. Kinderachtig, zei men in onze
omgeving. Wij vinden dat niet. Volgens ons is dit juist een wezenlijk onderdeel
van het beleid van UPC.
 
UPC is niet zomaar een communicatiebedrijf. UPC is een communicatiebedrijf
van een geheel nieuw type, hoewel, nieuw…laten we het daar straks over
hebben.
 
Eerst leggen we uit wat we bedoelen. UPC is een communicatiebedrijf dat
graag communiceert. Als anderen ook over UPC gaan communiceren mag dat, sterker
nog, je krijgt er voor betaald.
 
Zo luisterden wij naar een conference call waarin Mark Schneider, de CEO
van UPC, uitlegde hoe dat gaat bij UPC. Ze zijn daar heel open in.
 
De koersval van UPC kwam door “absurde speculatie” en “geruchten”. Wie nou
die absurde speculatie en geruchten had verspreid werd niet aangegeven in de
conference call.
 
In persberichten verwees UPC in ieder geval wel Slotboom en naar ons. In de
conference call werd onze naam weer niet genoemd. Ongetwijfeld had UPC hierover
advies ingewonnen.
 
Dat is jammer want zo viel het verhaal van Schneider, dat heel veelbelovend
begon met “this is an offensive call, not a defensive one”, toch wat in het
water.
 
Gelukkig pikte hij later de draad weer op en werd hij echt, onvervalst
“offensive”. In het Engels betekent dat beledigend. Analisten, zo kondigde
Schneider aan, komen in twee gedaantes. Je hebt enerzijds de zogenaamde “real
analysts”. Daarbij moet je je waarschijnlijk spierballentypes voorstellen die
nooit quiche eten maar wel veel rood vlees dat ze wegspoelen met een paar
flesjes Opus One. Je hebt echter ook de zogenaamde “less qualified
analysts”.
 
Wij kunnen daar inkomen. De zogenaamde “real analysts” – hij noemde hier
een paar namen van grote Amerikaanse zakenbanken – waarderen UPC op ” 30 euro,
40 euro of zelfs 50 euro”. Uiteraard worden die banken door UPC betaald voor
verrichte werkzaamheden, maar daardoor zijn ze natuurlijk extra objectief.
 
Slotboom, zo kunnen wij melden, wordt niet door UPC betaald. Wij ook
overigens ook niet. Daarmee is het duidelijk: als je objectieve voorlichting
over UPC wilt hebben, moet je, volgens UPC, luisteren naar analisten die werken
voor banken die emissies doen voor UPC en die dus door UPC betaald worden.
 
Als je naar onafhankelijke mensen luistert, doe je dat op eigen
risico.
 
Nu is ook duidelijk waarom die koers zo in elkaar zakt. Het is een
communicatieprobleem. De visie en de koersdoelen van de aan UPC gelieerde
analisten en de koersdoelen van de onafhankelijke analisten lopen teveel uit
elkaar.
 
Omdat wij UPC zo goed gezind zijn, vooral die meneer Schneider lijkt me een
man met een enorm relativeringsvermogen, gaan we ze een beetje helpen.
 
Daar staan we om bekend: in Nederland, zijn we erg behulpzaam voor
buitenlanders. Iedereen is vriendelijk, alles is schoon en we spreken keurig
Engels. Dat is een eeuwenoude traditie. Wij hebben de Spaanse en Portugese joden
weten te integreren, hetzelfde met de Hugenoten en onlangs met de bewoners van
de gebieden aan de Zuid- en Oostkust van de Middellandse Zee. Al die mensen
hebben enorm bijgedragen tot de vorming van de tolerante, rijkgeschakeerde
samenleving waar we zo trots op zijn.
 
De laatste golf vluchtelingen, uitgeweken Amerikaanse kabelexploitanten,
helpen we ook. Eerst gaan we ze met de taal helpen.
 
Hieronder de eerste les.
 
“Kunnen we hier eens over praten onder het genot van een kopje koffie ?” is
de Nederlandse versie van “Soedefokkers”.
 
“Onafhankelijk analist” zeggen wij wanneer het over “less qualified
analysts” hebben.
 
“Real analysts” heet bij ons “de researchslaven van mijn bank”.
 
Zo gaat het straks snel weer beter met de koers van UPC. Een onafhankelijke
analist houdt voorlopig zijn mond. Maar daarom niet getreurd, onze interesse in
UPC is nu gewekt, door de uitlatingen van de heer Schneider. Voor dat soort
uitspraken moet een goede reden zijn. Die vinden we wel.
 
Binnenkort zijn wij weer in Amsterdam. Wij nodigen dan de heer Schneider
uit voor een kopje koffie in ons hotel. Dan kunnen we eens prettig
kennismaken.
 
Dan vragen we de heer Schneider of hij intussen iets bedacht heeft om het
kernpunt van het betoog van Slotboom, namelijk dat alle activa van UPC als
onderpand gegeven zijn aan de banken, tegen te spreken.
 

Plaats een reactie