Zoals u aan de bovenstaande kop ziet, kan iedereen via suggestieve
communicatie de aandacht trekken. Dat is helemaal niet moeilijk. Overigens, de
kop van dit stuk is ontleend aan een op 17 november verschenen verkoopnotitie
van een bekende Engels broker waarover straks meer.
Wij brengen dit ter sprake, omdat we het wel heel raar vonden toen we
gisterochtend een kop in de Wall Street Journal zagen waarin stond dat “UPC en
Inveztor.net Site Settle out of Court”. Dat is wel erg suggestief, we konden onze ogen
niet geloven.
Nog even de feiten.
Wij hebben een artikel van een medewerker over UPC op vier punten
gerectificeerd. Dat hadden we zonder dwang van UPC ook gedaan, het stuk lag al
klaar, maar werd niet gepubliceerd omdat UPC een kort geding tegen onze
medewerker begon.
Maar UPC heeft ons nooit gevraagd de algemene strekking van de stukken te
herroepen. Nu doen ze alsof dat wel zo is. Het is een oude truc.
Je eist rectificatie van minder belangrijke punten en verklaart dan dat je
tegenstander zijn fouten erkent, waarmee het hele stuk gediskwalificeerd
is.
Misschien kunnen onze lezers daar beter over oordelen, hoewel dat wat
moeilijker is, want, ook al is het een communicatiebedrijf, UPC eiste dat de
betreffende stukken van de site zouden worden gehaald.
We hadden nog voorgesteld alleen de betrokken passages eruit te halen, maar
dat wilden ze niet. We hadden op de site zelfs een UPC hoekje ingeruimd, met de
gewraakte stukken, UPC’s perscommuniqué en de volledige tekst van de 10Q. UPC
wilde dat allemaal weg hebben.
Daar is natuurlijk een goede reden voor, want normaal gesproken is een
bedrijf opgetogen als we zoveel aandacht aan ze besteden.En dan nog wel met
zoveel zorg en goede wil !
De passages waren natuurlijk veel minder belangrijk dan de strekking van de
stukken.
Die herhalen we dus nog maar eens: wij denken dat UPC, via haar 10Q
rapport, duidelijk aangeeft dat alle kabelbedrijven behalve de Duitse en
Poolse in onderpand zijn gegeven aan de banken. Mocht er ook maar iets verkeerd
gaan, dan blijft er voor de aandeelhouders niets meer over.
Wij begrijpen nog steeds niet wat er zo schandalig aan is om zoiets op te
schrijven want ze zeggen het in hun eigen 10Q rapport. Hoogstens zou je kunnen
zeggen dat bedrijven het zelden leuk vinden wanneer we zitten te neuzen in hun
10Q’s. Dat komt omdat daar zoveel instaat. Vooral sinds kortgeleden de SEC, het
orgaan dat in de VS genoteerde bedrijven verplicht om die 10Q’s te leveren, het
mes zette in de tendens van bedrijven om analisten bevoorrechte informatie te
verschaffen.
Sindsdien, en dat is sinds een maand ongeveer, zijn die 10Q relatief steeds
interessanter want daar staat vaak de gezochte informatie.
Jammer genoeg moet de analist al snel op de stoel van de CFO gaan zitten om
het allemaal door te kunnen spitten. In het geval van UPC bevat het document 810
pagina’s, veel voor één kwartaal.
Jammer dus van die schoonheidsfoutjes, zonder die puntjes was het een
prachtig voorbeeld van onafhankelijke nieuwsgaring geweest, een mooi stuk
huiswerk. Dat is het nog, maar de details hadden bij UPC gecheckt moeten worden.
Jammer dus van die details.
Anderen hebben ongehinderd hun gang kunnen gaan, omdat ze wat minder
details publiceerden dan wij.
Laten we eens citeren uit het rapport van een grote Engelse broker dat kort
na ons stuk verscheen.
Onder de kop “UPC: sell” staat, vet gedrukt:
“Sterke omzet groei dankzij acquisities EBITDA worse than expected Capex
much higher than expected”
Deze bank beschouwt UPC als een “vierde rangs” bedrijf – ze hebben de
Europese telco’s in vier klassen ingedeeld, de vierde is de meest riskante – en
dat wil zeggen “een combinatie van hoge verliezen, grote schuldenlast en een
onophoudelijke stroom kapitaalinvesteringen die een ramp aankondigen voor
aandeelhouders.”
Daarbij vergeleken zal de gemoedelijke kout van onze dierbare columnist UPC
als muziek in de oren hebben moeten klinken.
Bovenstaande bank heeft geen dagvaarding ontvangen.
Wij laten het dus graag aan onze lezers over om nu hun eigen oordeel te
vormen over UPC, over het bedrijf, over de perspectieven en over de manier
waarop deze firma met onafhankelijke kritiek omgaat.
Gelukkig dat er nog persvrijheid bestaat, al moet je er soms voor
vechten.