Het is zondagnacht, eigenlijk al maandag, en met onze periodieke column voor Quote wil het niet vlotten. Schrijven voor Inveztor.net is namelijk veel en veel gemakkelijker dan schrijven voor Quote. Quote is een maandblad. Onze kopij moet vandaag al binnen zijn voor het nummer dat rond 20 juni in de kiosk ligt en waar juli op staat. Het moet dus over de beurs gaan, winst opleveren voor de lezer en over een maand nog actueel, nee, wat zeggen wij, kakelvers, verfrissend, origineel en spetterend lekker zijn. Een paar keer per jaar slagen we daar schijnbaar in. De rest van de tijd troosten wij ons met het idee dat de vele aspirant-columnisten die graag het smaakvol vormgegeven periodiek zouden willen dienen nog minder vers, fris, oorspronkelijk en lekker zijn dan wij, wat ons overigens niet opgewekter maakt. Toch lukt het ons meestal soepel een harmonische compositie van 800 woorden samen te stellen. Meestal in minder dan een uur. Vannacht lukt dat niet. Ongetwijfeld komt dat door onze methode. Wij hebben alles geprobeerd, orde, organisatie, dossiers, mapjes in de schuifla onder ons bureau met daarop Quote. De bedoeling is dat daarin de ideeën belanden. Die ideeën hebben meestal de vorm van een stukje uitgescheurd papier dat enige tijd op de bodem van de zak van één van onze jasjes heeft vertoefd en nogal wat gereisd heeft. Vannacht zitten wij echter thuis, de hangmap hangt op kantoor en wij hebben -enigszins Pruisisch- besloten dat onze doodlijn vannacht is. Het stuk moet af. Wij vervallen op zo’n moment helaas in onze zogenaamde Oude Methode. Deze methode stelt ons voor problemen omdat zij, hoe zullen wij het zeggen, juist niet methodisch is. Wij hebben een voorkeur voor discipline, orde en netheid. Ons bureau is echter rommelig en ligt vol lectuur. Onze favoriete methodes zijn ordelijk en de Oude Methode is willekeurig. Deze methode komt neer op het pakken van de porte dépêches, onze favoriete accessoire van Hermès. In de porte dépêches (niet-liefhebbers kunnen zich hier het beste een zeer soepel, zachtlederen documentenkoffertje bij voorstellen), zitten alle documenten die wij deze week naar huis hebben meegenomen en niet hebben gelezen. Omdat wij een driedelige porte dépêches hebben -u zult bij Hermès vooral tweedelige aantreffen- kan er vrij veel in. Een paar kilo papier, zonder enige moeite. Het prettige van de porte dépêche is dat deze, wanneer geleegd, er nooit geleegd uitziet, integendeel. Het soepele leer en de vorm van de tas zorgen er voor dat dit prachtige stuk maroquinerie zowel vol als leeg aangenaam oogt. Het werkt altijd. In één van de interessante documenten, een artikel, een stuk research, een verslag, dat ons zo interesseerde dat wij het niet op kantoor hebben willen lezen en dat wij dus opzij hebben gelegd voor een moment van puur genot thuis, vinden wij de aanzet tot een gedachte die wij vervolgens in 800 woorden, vormgeven. Vannacht gebeurt echter het omgekeerde. Alles lijkt slechts toepasselijk voor de korte termijn. Goud? Over een paar dagen kan de hausse voorbij zijn. Dat gebruiken we dus voor Inveztor.net, daar staat het vannacht nog op. Land’s End? De koers van de catalogusverkoper liep vrijdag bijna 6% op. Daar gebeurt iets. Gary Corner, de 75 jaar oude president wil, Reuters schrijft het ook, verkopen. Land’s End (LE: 36,73 dollar) zou een interessante acquisitie zijn voor een warenhuis, zoals Federated, of voor een andere catalogusboer, zoals Otto Versand, in Duitsland. De chart van LE zit vol gaps, het verhaal is al oud, maar Corner wordt niet jonger en hij heeft meer dan de helft van de aandelen. Hier kan dus iets gebeuren. Tegelijkertijd komt Barron’s uit met een nieuw nummer waarin value-belegger Mark Boyar uitlegt waarom je Land’s End moet hebben maar concurrent Spiegel, die onder andere de Eddie Bauer-catalogus runt, ook. Catalogi zijn een goede manier om mensen naar je website te krijgen. Er is dus geen sprake van dat internet de catalogus-industrie kapot maakt, integendeel. Land’s End weet juist meer aan de website te verdienen dan anderen, dankzij de catalogus. De prijs voor Land’s End zou tussen de 50 en de 70 dollar kunnen liggen. Misschien weten we morgen (eigenlijk vandaag) bij de opening meer. Nu nog dat stuk voor Quote. Zullen we Hans-Poul van Zanten’s idee voor Private Media Group gebruiken en dat eens afzetten tegen de waardering voor Playboy? De kosten van het runnen van de Mansion vergelijken met de cashflow van het Bunny-imperium en de investering voor het opzetten van de Playboy-website die wij net, geheel beroepsmatig, bekeken hebben ? Hefner wordt ook een dagje ouder, net zoals Gary Corner. Hoeveel is Playboy eigenlijk waard, zonder Hef? Veel meer natuurlijk. Kortom, een verhaal over de waardering van porno-aandelen onder de titel ‘Hard of zacht?’. Wij denken hierbij vooral aan onze soepel gelooide porte dépêches en zijn blij dat wij niet met een hardgerand koffertje naar kantoor moeten. Volgende maand zien we wat het geworden is. Let intussen op Land’s End en Spiegel. Als Land’s End echt door de bocht gaat vat Spiegel ook vlam.