Omdat de heer ‘Durobinet’ ons er in de Inveztor.net Koffiekamer van beschuldigde Privé-materiaal te schrijven naar aanleiding van Vivendi I, haalden wij dit weekend de Kralandine, onze veertien jaar oude gebanaliseerde automobiel uit de garage en togen zuidwaarts, richting Bourgondië.
Aangekomen in Villeneuve sur Yonne, een klein stadje met een prachtige kerk uit de XIe eeuw, namen wij onze intrek in de Lucarne aux Chouettes, een herberg die toebehoort aan Leslie Caron, de actrice, u weet wel, uit de tijd van Fred Astaire en ‘An American in Paris’. Wij weten niet wat de leeftijd van mevrouw Caron is en gaan daar ook niet naar raden, maar één ding kunnen we u verzekeren, ze ziet er twintig jaar jonger uit.
De Lucarne ligt aan het water, de keuken is uitstekend en wij raden u zeker aan hier eens te stoppen. Wij troffen hier twee vriendinnen, werkzaam bij respectievelijk People en de Wall Street Journal. De vraag van Durobinet spookte nog door ons hoofd. Konden wij, nu het er naar uitzag dat het Vivendi-verhaal nogal een langdurige serie zou worden, de heer Messier voortaan Monsieur Marceau noemen en de heer Lescure aanduiden met Monsieur Deneuve?
Geen Boonstra-Toth verhalen in Frankrijk
Dat hadden we namelijk aardig gevonden, één keer, voor de afwisseling. Want we stellen u gerust, we zijn niet van plan dit vaak te doen. Eén van de prettigere eigenschappen van de Fransen is namelijk dat, op een paar smerige roddelbladen na, het publieke leven van zakenmensen gespaard wordt.
Geen Boonstra-Toth verhalen in Frankrijk, dat hoort niet. Wij vinden dat een beschaafde gewoonte. Na al dat geharrewar van meneer Messier met meneer Lescure hadden we het, zij het bij uitzondering, best leuk gevonden, zo’n naamsverandering. De hemel zij geprezen voor onze goede relatie met deze dames.
“Hou toch op Michael”, zei mevrouw People, die alles van dit soort situaties weet en dan ook geregeld afreist naar Monaco. “Messier heeft niets met Sophie Marceau”. Vervolgens vernamen wij met wie mevrouw Marceau wel wat heeft, maar door onze zeer oppervlakkige belangstelling voor dit soort zaken, zijn we het alweer vergeten en kunnen we het u niet vertellen, ook al zouden we het willen. Erg hè?
De wereld van glamour
“Hoe komt het dan dat we al die verhalen te horen krijgen”, vroegen wij wanhopig aan mevrouw People. “Ach, ik geloof dat hij haar één keer in zijn jet heeft meegenomen en dat hij het leuk vond dat er een gerucht door ontstond.” Wij waren weer een illusie armer. Meneer Deneuve dan? “Dat is allang weer uit. Geef de wijn eens door.”
Tot zover ons experiment met de wereld van glamour. Derobinet had misschien wel gelijk. Wij vroegen mevrouw Caron om een handtekening, voor mevrouw Kraland mère en startten de motor. Wij hadden andere, serieuzere zaken te doen voor Inveztor.net en togen richting Chablis. Aangekomen in het charmante wijndorp, waar je beter niet kunt wonen want er gebeurt nooit wat, aldus een bevriende wijnhandelaar, togen wij direct naar het proeflokaal van het huis William Fèvre.
Misschien moeten we u even uitleggen wat we hier van plan waren. Hebben we een Chablis-gaat in onze wijnkelder? Nee, bij de laatste telling bleek dat we nog een stuk of drie dozen van de betere crus uit ’95 en ’96 hadden liggen. Gezien onze gematigde consumptie van Chablis, een nogal minerale wijn die we niet dagelijks drinken, was er dus geen reden tot alarm, zeker gezien het huidige prijsniveau, dat voor de betere wijnen rond de 33 euro per fles ligt.
Fèvre moet u hebben!
Wij hadden echter eerder vorige week een serie Chablis geproefd van Olivier Leflaive, het Bourgogne-huis, dat zich tegenwoordig ook met Chablis bemoeit. Die wijnen waren prachtig, vooral de grand cru Valmur. Wanneer wij van Chablis dromen, dromen wij van Raveneau en van Dauvissat. Het leven is echter wreed, met dien verstande dat deze twee domeinen geen nieuwe cliënten aannemen.
Met andere woorden, ze zijn constant uitverkocht, zoals zoveel van de betere huizen in Bourgogne. Fèvre is echter een ander verhaal. Ze hebben veel hectares bij elkaar gesprokkeld, een stuk of 135, onder de nieuwe directie en hun wijn is uitstekend. Doel van onze expeditie was het checken van feiten. Eerst Deneuve en Marceau, nu William Fèvre.
Om een lang verhaal kort te maken, Fèvre moet u hebben. Petit Chablis is meestal iets waar je beter af kunt blijven, die wijn heeft de prijs van Chablis, maar is vooral petit. Hetzelfde geldt voor gewone Chablis. Bewaren voor personeelsavondjes. De betere wijnen zijn, helaas, de crus. Er zijn premiers crus en er zijn grands crus. Helaas, nogmaals, zijn de grands crus vaak beter dan de premiers crus. Zijn zij goedkoper? Integendeel. Zijn zij de moeite waard?
Leest u verder.
Voorschot op verkoop Orpea
Bij Fèvre hadden wij geen enkele moeite een duidelijke voorkeur te ontwikkelen voor de grands crus Les Preuses en Les Clos, millésime ’98. Die waren perfect, nu al prachtig, straks misschien wat moeilijker toegankelijk, om vervolgens nog jarenlang telkens opnieuw te verrassen op een gestoomde tong of een gegrillde tarbot.
Gelukkig gaat er bij de firma Fèvre ook wel eens iets verkeerd. Zo maakte het huis in ’98 3000 halve flesjes Les Bougrots gereed. Die werden vervolgens ergens weggelegd en vergeten, waardoor ze nu in de aanbieding liggen. Wij houden niet zo van halfjes, maar moesten toegeven dat in dit geval de extra snelle rijping in een halve fles, een prachtig resultaat opleverde.
Aangezien dit gepaard ging met een speciale aanbieding, aarzelden wij niet en namen wij alvast een voorschot op de verkoop van onze aandelen Orpea, die wij vorige week verwierven (zie: Modelportefeuille: toewijzing Orpea IPO).
Verrassende wending
Wij vervolgden onze reis met een bezoek aan het prachtige middeleeuwse stadje Noyers, wat notenbomen betekent. De naam, je moet het maar weten, wordt echter uitgesproken als Noyères. Je loopt dus als nietsvermoedende Nederlander het risico snel voor aap te staan, vooral als je niet weet dat de inwoners van dit charmante plaatsje Nucerianen genoemd worden.
In Noyers (spreek uit: Noyères dus, went het al een beetje?) sloegen wij genoeg jambon persillé in bij de traiteur, die weet dat jambon persillé zijn visitekaartje is, om de zondagavond door te komen en draaiden de Kralandine richting Parijs, waar wij verwacht werden in een geïmproviseerde radiostudio van de NOS, voor een live commentaartje op de Franse verkiezingen.
Wij wisten toen nog niet dat de avond een verrassende wending zou nemen. Hoe dat gebeurde kunt u lezen in Frankrijk: terug naar Poujade?.
Michael Kraland: Vivendi IV: waarin Bolloré 2% neemt
Michael Kraland: Deel III “Vivendi: Film, Foot & Fuck”
Michael Kraland: J2M, J6M, VU en Rocco Siffredi II: Frans Ontslag
Michael Kraland: J2M, J6M, VU en Rocco Siffredi
Michael Kraland is vermogensbeheerder, beheert een beleggingsfonds en is directeur van een Amerikaans hedge fund. Kraland schrijft zijn columns op persoonlijke titel. Kraland handelt vaak in beleggingen waar hij over schrijft en zijn posities kunnen op elk moment veranderen. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Uw reactie is welkom op
kraland@Inveztor.net.