Oud Goud

Niet alleen lazen wij vroeger boekjes in deze serie, ook Hennie Rijnbeek weet in Goud out de verbinding te leggen tussen het gedrag van de goudmarkt in de afgelopen weken en de mislukte doorbraak van het edele metaal tijdens de dikke berenmist in de aandelenmarkt, die tot donderdag heerste.

Omdat wij zelf ons hele leven verkeerd zitten met goud geven wij u geen advies, maar niets let ons u deel te doen van onze indrukken die dezelfde kant opgaan als die van Rijnbeek. Er is geen vraag naar goud vanuit de juwelensector.

Hoe meer de prijs stijgt, hoe meer de vraag van die kant daalt. De afgelopen weken was goud veroordeeld tot speculatieve vraag, dat wil zeggen alleen nog maar vraag, zo leek het, van beleggers, of het nou hedge funds zijn of particulieren.

Hersenschim
Particulieren tonen belangstelling, dat zie je aan het drukke bezoek van goudconventies en seminars en aan de drukke discussie over goud in de Inveztor.net Koffiekamer.

Maandag jongstleden waren wij de gast van de firma Chimera. Wij geven graag toe dat wij er niet echt iets te zoeken hadden, maar een vriend had ons uitgenodigd naar de Automobile Club, een waterplaats voor oude heren aan de Place de la Concorde in Parijs, om ons te goed te doen aan de geneugten van de kelder aldaar.

Wij gaven toe, meer om de charmante schavuit een plezier te doen, dan om de wijn, want wij zijn radicaal gestopt met lunchen, waardoor onze retoucheur handen vol werk heeft. Indien wij enigszins blasé overkomen, is dat te wijten aan dat we eerder zo’n goudcyclus hebben meegemaakt. Weet u nog, ’94 en ’95?

De goudhausse? De exploratiemaatschappijen? Wij hamerden toen op de definitie van een Junior Exploration Company: een boef met een gat in de grond. Alle presentaties van die bedrijfjes leken op elkaar, voor leken zoals wij, die geen geoloog zijn van huis uit en die al grote moeite hebben als er mollen in het gazon zitten.

We leggen u uit hoe zo’n presentatie vroeger ging. Wij doen dat aan de hand van de laatste die we zagen, want we kunnen u verzekeren dat er niets is veranderd, of misschien, toch wel, maar daar hebben we het straks over. In zo’n presentatie krijgt u eerst een overzicht van de Term Sheet. Daarop staat hoeveel kapitaal er opgehaald gaat worden.

Meestal gaat het om een combinatie van aandelen, winstbewijzen en zogenaamde special warrants. Als wij het ons goed herinneren, zijn die warrants meestal special, omdat ze waardeloos aflopen, of tegen ongelofelijke spreads worden verhandeld door Canadese boeven – want het zijn bijna altijd ondernemende, steevast potige heren die er uit zien alsof ze onder hun presentatiepak een geruit houthakkershemd dragen.

Na de Term Sheet krijgen we foto’s te zien. Kijk, dat is een berg en dat daar is de vallei. Daar links zitten die idioten van Placer Dome. Rechts zit Barrick, ook van die sukkels. Daar tussenin zitten wij en dat terrein hebben we voor bijna niets gekocht van een arme sloeber, die er niets van begreep. Hij had het eerst verkocht aan Newmont en die hebben daar voor 15 miljoen dollar schachten gegraven.

Toen kwam er een memo van de directie en hielden ze er mee op. Wij kopen dat nu voor 10 miljoen dollar. Vervolgens wordt een dwarsdoorsnede van iets getoond met allemaal kleuren. Duidelijk zien we dat het er vol goud zit. Een onafhankelijk ingenieursrapport toont aan dat er een groot aantal goudaders moeten liggen, ergens daaronder. Onder de ogen van Placer en Barrick!

Het bedrijf haalt een paar miljoen op, de special warrants worden aan de beurs van Vancouver genoteerd en hop, daar gaan we. Varianten hierop kunnen zijn een notering aan de beurs van Toronto, waar het weliswaar wemelt van de dieven, maar minder dan in Vancouver, wat zoiets is als de hal van het Centraal Station in Amsterdam in de zomermaanden, één van de meest gediscrediteerde beurzen ter wereld.

Nou zult u zeggen en we horen u het al denken, als het zo eenvoudig is, waarom kopen die jongens dan niet ergens een terrein in de jungle, gooien wat goudpoeder in de geologische monsters en halen een vrachtwagen vol geld op? Tja, u komt daar nu op en daarom zit u dus ook bij de centrale verwarming in goedkope pantoffels en niet achter het stuur van een nieuwe Ferrari.

U dacht toch niet, dat dit niet eerder bedacht was? Herinner u de Bre-X affaire, nog niet zo lang geleden. De Infospace van de goudexploratiemaatschappijen. Een Canadese firma, die in Indonesië de vondst van de eeuw had gedaan. Tot de geoloog, heel toevallig, uit een helikopter viel en opeens bleek dat iemand had lopen strooien. Strooien met goudpoeder. Toevallig stonden de geologische monsters daar net onder. De Enron van de goudindustrie.

Nooit meer goud
Dat was de vorige cyclus dus. De goudmarkt stortte in en veel beleggers zeiden over goudaandelen, wat u nu over technologie zegt: “Nooit meer”. Eerlijkheidshalve moeten we u melden, dat we in de huidige cyclus nog geen sporen van de hysterie van de vorige cyclus hebben bespeurd. Wij herinneren ons nog levendig een groepspresentatie van goudzoekers. De ene mijn na de andere liet charts zien.

Doorsnedes, geologie, landkaarten, valleien, rivierbedden, bergen, goudaders, alles werkte mee om juist hun concessie tot een goudmijn te bestempelen. Een mevrouw, slank, felrode jurk en getooid met wat dames Big Hair noemen, wat toen in de mode was, hield in de Ritz een presentatie die er, als wij het goed hadden begrepen, er op neer kwam dat zij, op een geheel eigen manier, een speciale toegang tot een ex-president van Canada had geregeld.

Die stond garant voor de beste concessies. Boze Canadese tongen, waarvan sommige erg betrouwbaar overkwamen, hadden ons privé toegefluisterd dat dit voormalig staatshoofd corruptie tot een vorm van kunst had verheven. Wij weten niet of de exploratie maatschappij van mevrouw Big Hair nog bestaat.

Wij waren hier alleen om een vriend plezier te doen en de wijn van de Automobile Club te proeven. De chardonnay uit Bourgondië had ondanks het jaar ’98 al een enigszins gemaderiseerde, vermoeide afdronk. Een klein slokje was genoeg. Dan de Cadet Piola. Trots wees onze vriend om het jaar: 1981.

Vol vrees nipten wij voorzichtig en inderdaad, deze wijn smaakte even fragiel als de leden van de Club, waar wij de indruk maakten, ondanks of juist dankzij onze 52 jaar, het gemiddelde aan aantal jaren naar beneden te halen. Deze wijn had tien jaar geleden zijn beste tijd gehad en smaakte nu naar oude, onbeduidende, vermoeide bearmarkt Bordeaux.

Noodgedwongen, maar ook uit hoffelijkheid en altijd nieuwsgierig naar wat de menselijke komedie ons nu weer zou voorschotelen, verplaatsten wij onze aandacht naar de presentatie. Chimera Gold was bezig met ophalen van geld om de aankoop te financieren van Petra Mining Ltd, symbool Petmin, een Zuid-Afrikaanse goudproducent, genoteerd in Johannesburg.

Terstond werd onze net gevestigde aandacht afgeleid door de durf van deze ondernemers. Een emissie met special warrants van een Junior Exploration Company, in vaktaal een Junior, is tot daaraan toe, maar om het bedrijf Chimera, hersenschim, te noemen, met die special warrants, was dat niet net iets teveel van het goede, vroegen wij onze vriend, die naast ons was neergezegen en de wijn best lekker vond?

De deal
De deal leek ons perfect. Het Hersenschimteam had de patriarch van een Zuid-Afrikaanse familie bereid gevonden, vlak voordat hij de zaak veilde, afstand te doen van Petmin. Petmin produceerde vorig jaar 146.000 ons goud, met kosten van 194 dollar. Goud kost, gisteravond, 316 dollar. De operationele cashflow was 6,6 miljoen dollar.

Standard Bank had een verplichting tot krediet van 40 miljoen dollar afgegeven, er lagen bewezen reserves van 4.9 miljoen ons goud en daarmee kwam de financiering van 50 miljoen dollar uit op een discount tot boekwaarde van 40%. Ooit had de patriarch 10 miljoen dollar geïnvesteerd en hij was blij er nu 700 miljoen rand uit te halen. Eindelijk! Voor de beleggers bleef er heel wat op de tafel liggen.

Snel werd ons voorgerekend hoe het nieuwe team van 146 naar 200.000 ons in het jaar 2003 en vervolgens naar 246.000 ons goud in 2006 zou gaan. Het bedrijf zou een zogenaamd Best Effort doen om zich op de beurs van Toronto en de Amex te noteren. Schema’s met landkaarten van Witwatersrand en East Rand flipten voorbij.

Zij hadden, gezien de wijn, onze volledige aandacht. De keuken bij de Automobile Club is correct, sans plus. Wij noteerden acht schachten in productie in Black Reef, de Kimberly Reefs en Nigel/Main Reef. Eén van die schachten kon dicht. Wij slaakten een zucht van opluchting. De deal leek ons niet gek. Voor 50 miljoen dollar konden we hier een bedrijf kopen met een cashflow tussen de 138 en 200 miljoen dollar, volgens Chimera.

Bovendien kon het management ons voorstellen de productie in de komende tien jaar nog met 590.000 ons goud te verhogen. Hedging? Liever niet, maar Chimera had een aardig plan bedacht, met een zero cost collar. Dat is een optie constructie waarbij de kosten betaald worden door ontvangen premies.

In dit geval kwam dat neer op een bodemprijs van 300 dollar per ons en bleef er nog ruimte naar boven tot een prijs van 350 dollar voor die 10% van de productie, terwijl 90% de totale upside behield. Leuk als goud naar de 800 dollar teruggaat.

De donderslag
De presentatie was om één uur. Aan het eind van dezelfde ochtend had Chimera al een bod tot een fusie binnengekregen van een zeer liquide, veel hoger gewaardeerd Amerikaans goudfonds, Bema. Wij keken eens naar de president, Ulrich Rath, meer dan 26 jaar ervaring in de mijnbouw. Chairman is Robert Cross, een ex-bankier van het in goudmijnen en wat er verder ook moge bewegen en niet bewegen gespecialiseerde effectenhuis Yorkton, in Canada.

Wij dachten eens na. Toch handig die jongens. Ze hebben tot 25 oktober om hun aankoop te betalen. Er is geen veiling geweest. Ze krijgen nu al een bod. We begonnen te rekenen en hielden na enige tientallen miljoenen dollars op. Bema heeft mijnen in Rusland en in Zuid-Amerika en het aandeel is eigenlijk een call op de goudprijs, omdat de productie pas echt rendabel wordt bij een goudprijs rond de 350 dollar.

Chimera is direct rendabel en verandert dus het speculatieve profiel van Bema. Een gouden deal, leek ons. Zeker voor Bema en voor het management van Chimera. De patriarch verkocht. Ongetwijfeld blij dat hij van zijn mijn af was. De Chimera jongens halen geld op en verkopen direct, voordat de mijn nog maar is aangekocht. Ze hebben 26 jaar ervaring. Ze zien er niet uit alsof ze nog een cyclus helemaal willen meemaken. Daar zijn ze nu te oud voor.

Wij dachten aan onze vrienden Dick Gul*, de briljante bear van Hayden Livingstone*, aan columnist Willem Middelkoop, die op tijd in goud stapte en nu op een mooie winst zit en aan Hennie Rijnbeek, die zich afvraagt waar die toekomstige vraag naar goud vandaan moet komen. De oudere spelers, dat bleek ons duidelijk, hebben er geen enkel vertrouwen in en cashen zodra ze kunnen. De vraag moet komen van nieuwe speculanten.

Misschien komt die, misschien niet, er zijn goede argumenten aan te dragen voor de bull case zoals voor de bear case van goud. De trend is naar boven, dat lijkt duidelijk, tenzij de economie onverhoopt herstelt. Die vraag over de toekomstige vraag, dat maakt die markt speculatief.
Caveat Emptor.

*Naam en firmanaam zijn op verzoek gewijzigd

Plaats een reactie