In memoriam Jim Paul

U weet waarschijnlijk niet wie Jim Paul was. Of misschien ook wel en als dat zo is dan heb ik een vraag voor u.
Dit wordt geen leuke blog entry, maar een trieste. Zo is het leven, ik kan er niets aan doen.

In November komt dat prachtige blad dat in een moment van zwakte besloot mij hun beleggerspagina te laten schrijven uit met hun voltreffer, de Quote 500.

Ik denk dat ik ze ga aanbieden een bijdrage te leveren. Niet alleen dat, ik zoek ook een ondernemende uitgever. Want laten we even teruggaan naar dat Klamme Weekend in New York City, zie een eerder blog verhaal.
Ik was in New York om mijn Jonge Reisgezel naar zijn vakantieadres te brengen. En om mijn vriend David Bromberg, een fantastische gitarist, op te zien treden. Leuk ook voor de reisgezel. Die kende David alleen van avondjes thuis maar kon zich niet voorstellen dat hij zich op elegante wijze met een gitaar over een podium zou kunnen bewegen.

David speelde die avond met Hot Tuna, en dat was zo’n vreemde gewaarwording dat ik er nog eens iets over hoop te schrijven.
Uitgezakte hippies, proviniciale post-Haight-Ashbury decadentie, zoals je die overal in Amerika ziet. Maar vooral dit was schrijnend, letterlijk ook, voor een aantal van die dikke dijen.

Zondag, toen ik de Jonge Reisgezel had afgeleverd had ik een afspraak met Taleb. In mijn hart ben ik een groupie en ik heb grenzeloze bewondering voor deze man.
Ik denk dat hij de meest relevante financiële intellectueel van zijn generatie is. De Fintellectueel.
Voor mij ligt het manuscript van zijn volgende boek, The Black Swan, dat deze herfst bij Random House moet uitkomen. Daarvoor schreef Taleb onder andere Fooled by Randomness. In Slapend Rijk, ons radioprogramma, heb ik het een paar keer over hem gehad en ik ga nog veel meer over hem schrijven.
Mijn column in het Augustus nummer van Quote gaat ook over Taleb.

Allerlei zaken komen nu opeens bij elkaar. Synchroniciteit, toeval, wat het is weet ik niet en ik zal de laatste zijn om wetten te willen ontdekken waar ze niet zijn. Taleb is Dean’s Professor in the Sciences of Uncertainty aan de Universiteit van Massachusetts in Amherst.
Zijn business is het aantonen van nonsens. Van drogredenen en van gewichtigdoenerij. Ons vak staat er bol van. Ik weet dat ik vaak ten prooi val aan die verleiding maar ik probeer er tenminste wat aan te doen. Geen zoeken naar gekke verbintenissen dus, het is een vorm van toeval dat ik nu over Jim Paul schrijf.

Mensen hebben er grote moeite mee te accepteren dat veel van wat ze tot stand brengen, veel van wat ze doen, veel van wat ze aan zichzelf toeschrijven hoofdzakelijk gebaseerd is op toeval.

Deze website is bij toeval tot stand gekomen.
Als twee jongens die onbeleefd tegen me waren beleefd waren gebleven, was ik er nooit mee begonnen.
Als ik niet in coûte que coûte in Frankrijk was gaan zeilen, in de zomer van 1968, dan was ik mijn vrouw nooit tegengekomen en dan was de Jonge Reisgezel er niet geweest. Dan was ik niet naar New York gegaan want ik had er eigenlijk niets te zoeken het afgelopen weekend.
Behalve een onvergetelijke brunch met Taleb en een enige tijd met de Reisgezel.
En als ik niet in 1972 een baantje had gehad bij het Jazz Festival van Montreux had ik David nooit ontmoet. En ga zo maar door.

De Quote 500 werd zo’n succes omdat iedereen graag leest over de rijkste mensen van het land.
Materieel rijk dan natuurlijk.

Wat echt aardig zou zijn is een goed voorbereide uitgave van de mensen die de grootste geestelijke rijkdom van ons land vertegenwoordigen. Met eventueel hun websites en blogs erbij.
Daar heb je wat aan.
Geestelijke rijkdom komt niet bij toeval tot stand.
Goed, er zijn allerlei kandidaten die zich in een vuurwerk van ijdelheid tot de intelligentsia proberen te promoveren en vaak lukt dat ook, maar hun productie is hoe dan ook interessanter dan wat materiëel toeval ons brengt.

Maar de Quote 500 is heel leuk. Vooral omdat het hele ding op niets gebaseerd is. Op een misverstand. Dat wordt dus mijn stuk voor Quote. Als tenminste niemand dit blogstukje doorgeeft aan Jort Kelder, hoor ik iemand daar al denken. Helaas, ik moet deze gniffelaar teleurstellen. Zo werkt het niet met Kelder. Als ik er een leuk stuk van maakt en het past bij dat nummer, dan publiceert hij het. In de 15 jaar dat ik voor Quote schrijf heeft Kelder nog nooit een letter in mijn teksten veranderd. Overigens, zijn voorganger wel. Die weigerde één keer mijn stuk over de Doods Industrie. U weet wel, begrafenisondernemers en kistenmakers. Dat kwam doordat de figuur in kwestie een vriend van me was en vond dat dit niet kon. Het was dus eigenlijk om mij te beschermen.
Dat stuk werd vervangen door een gratis Aids advertentie. De door The Chicago Company gepubliceerde Death Index kwam toen net van de grond en de sector werd, precies om de redenen die ik toen aangaf, een daverend succes.
En dat was geen toeval.

De meeste mensen die in de Quote 500 staan zijn daar echter wel toevallig aanwezig. Ze waren in de juiste sector bezig, op de juiste tijd. Of hun spermatozoïdetje overleefde daar waar een miljoen andere kleine bengels het loodje legden, op weg naar de vruchtbare cel van mama.

Of pa besloot een voorbehoedsmiddel te gebruiken. Of dronk te veel.Ik bespaar u de rest.

Kortom, het is niet moeilijk om een leuk stuk te maken waarin je aantoont dat de meeste Quote 500 figuren niet speciaal interessant zijn. De meesten weten dat heel goed en pretenderen dan ook niets. Sterker nog, ze willen er niet in, in die Quote 500.
De paar ijdele idioten die dat wel willen zouden eigenlijk met een sterretje door Jort en zijn vrolijke bende aangemerkt moeten worden. Het interessantste deel van het hele Quote 500 verhaal vind ik dan ook de krampachtige pogingen van allerlei figuren die het toevallig vrij ver geschopt hebben – naar puur materiële maatstaven dus- en die denken daardoor allerlei posities te verdienen in een hiërarchie zonder door te hebben hoe arbitrair die is. Waarmee ze natuurlijk bevestigen dat ze geheel bij toeval in dat clubje zijn aangeland. CQFD.

We komen nu dichter en dichter bij de kern van ons betoog, al lijkt het er voor sommigen misschien nog niet op. Houd moed.

Uit het bovenstaande kunnen wij concluderen dat een lijstje van figuren die materieel slagen ons weinig zal leren, als zij inderdaad hoofdzakelijk door toeval terecht gekomen zijn waar wij ze aantreffen, namelijk in zo’n lijstje.

Omdat u, net zoals wij, uit een ander hout gesneden denkt te zijn, hebben we nu een probleem.
Want als we er niets van leren, dan willen we het eigenlijk niet weten. Tenzij, ja tenzij…tenzij het alleen maar ter vermaak geschreven is en wij het als zodanig tot ons genomen nemen.
Als een soort poenige slapstick dus.

Het betreft ten eerste een probleem van Quote. Ze moeten hun arme medewerkers, en op een schaal van Quote 500 metrics is de gemiddelde Quote medewerker zeker arm, ervan overtuigen dat ze met een hogere taak bezig zijn. Of ze net genoeg betalen zodat ze zich gedurende de maand een keer of drie kunnen bezatten in een eigentijdse kroeg die meetelt en waar je elkaar met geen mogelijkheid kunt verstaan, dit na aftrek van de vaste bestaanskosten die in Amsterdam hoog zijn zoals iedereen weet.

Ik vertrouw Jort dat wel toe, hij delegeert dat gewoon en de rest is management by walking around (in the suitable outfit with Neapolitan shoulders zou ik er aan toevoegen).
Maar als het allemaal voor de grap is, dan kan het wel.
De Quote crew denkt dat wat ze doen belangrijk is en omdat ze naarstig moeten uitpluizen hoe alles in elkaar zit zullen zij de laatsten zijn die denken dat dit allemaal toeval is.
Zo blijven zij gemotiveerd genoeg om hun werk af te maken.

Nu gaan we terug naar Jim Paul en het drama dat zich nu voor uw neus gaat ontvouwen.
Want ik kan u verzekeren, een leuk verhaal is het niet en dat meen ik echt.

Als we er van uitgaan dat wat ik hierboven stel inderdaad overeenkomt met de werkelijkheid zoals u die, net zoals ik, ondergaat, dan zult u zich niet interesseren in het willekeurige onderwerp van het materiële slagen van een aantal strebers en op de juiste tijd en plaats geboren geluksvogels.
Integendeel, u zult zich afvragen of er niet andere invalshoeken zijn waaruit u meer kunt leren.

Als u het daarmee eens bent, en als u nog doorleest, stijgt u nu in mijn achting en moeten we de ontknoping maar met elkaar delen.

U zult het met mij eens zijn dat als het slagen van die 500 willekeurige wannabees ons weinig leert, het falen van 500 goed opgeleide, intelligente, hardwerkende eventueel zelfs godvrezende ondernemers ons veel meer aanknopingspunten tot zelfbezinning zal kunnen bezorgen.

Hoeveel zeurpieten ons land ook telt, en zij zijn talrijk en planten zich onbelemmerd voort, hier valt niets tegen in te brengen en correspondentie over dit deel van mijn betoog is dan ook niet iets dat in mijn agenda van komende week past.

Kijk, er bestaat dus niet iets dat lijkt op een Quote -500.
Er is wel plaats in de kiosken voor allerlei onzinnigs en de ruimte schiet hier tekort om de vele titels met minder merites dan de Quote -500 hier te citeren, maar we kunnen hoog of laag springen, zo’n uitgave bestaat niet en we zien de toekomst wat dat onderwerp betreft somber in.

De conclusie dat wij geneigd zijn onszelf ervoor te behoeden om kennis die enig nut zou kunnen hebben tot ons te nemen dringt zich dus op.
En dat is geen toeval.

Nu naar Taleb en naar Jim Paul, u zult zien, alle goede dingen hebben een eind.
Taleb maakt korte metten, ongeveer één pagina, met het begrip Quote 500, al kent hij, hoe gek dat ook moge lijken, de juiste naam van deze prachtige publicatie niet precies.
Hij doet dat in The Black Swan, op pagina 110 van het manuscript, in “How to become a Millionaire in 10 Steps”, nadat hij heeft afgerekend met het Franse gebruik om Pléiade edities zichtbaar ten toon te stellen. En wat Balzac daarover gezegd zou hebben als hij het nog had kunnen meemaken.

Taleb’s zeer eenvoudige stelling is dat we veel meer kunnen leren van mislukkingen dan van successen.
Daar is niets revolutionairs aan, alleen, in onze belachelijke cultuur zien we dat anders.
Nu is het zo dat meestal wanneer iets me dwars begint te zitten het in korte tijd een populair onderwerp wordt, dus we kunnen er van uitgaan dat de studie van falen in de kortst mogelijke tijd onze business schools zal overspoelen en vervolgens hetzelfde effect zal hebben op de massa media waar de semi-intellectuelen die onze opinieleiders zijn zich aan laven.

Terug naar de beurs, want daar hebben we het al een tijdje niet over, terwijl de markt toch onze disciplinaire ruggegraat is waaraan wij onze betogen ophangen, bij gebrek aan een meer bescheiden referentiekader.

Het belangrijkste boek dat mislukkingen in de markt behandelt is “What I Learned Losing a Million Dollars” (ISBN: 0963579495) , door Jim Paulson.
Dit is het equivalent van Fooled by Randomness, maar dan geschreven door een trader die, toevallig, vanuit de goot naar de top van zijn vak doorstootte, en weer terug.

Ik wil dat boek graag lezen.
Maar wat blijkt, ook al heeft iedereen die het gelezen heeft er alleen maar allerlei goeds over te vertellen, het boek is niet meer in druk en het is niet meer te krijgen.

Erger nog, toen de auteur het wilde uitgeven, kon hij geen uitgever vinden. U kent misschien het drama van A Confederacy of Dunces, van John Kennedy Toole en als u dat niet kent dan weet u ongetwijfeld alles van Van Gogh, Vincent, niet Benjamin, de talentvolle vormgever van Inveztor, die wij geregeld voor zijn inspanningen in klinkende munt afrekenen, in tegenstelling tot zijn arme maar beroemde familielid.

Welnu, Paul’s boek is niet te krijgen. Wij branden van verlangen om het te lezen. Wie het boek gelezen heeft dweept met Paul. Beter dan wie ook heeft hij de lessen van falen geleerd en geeft hij ze aan ons door. Daar heb je meer aan dan aan tien strekkende meter management literatuur, die van Drucker daargelaten natuurlijk.
Wat moet hij trots geweest zijn op zijn meesterwerk.

Arabieren zeggen dat je pas kunt zeggen hoe gelukkig een man is geweest als hij aan zijn einde komt.
Niemand wilde het boek uitgeven, de auteurs deden dat in eigen beheer en handelaar Jim Paul ging op 11 September 2001 gewoon naar zijn werk.

Gouden Regen

We hebben maar één goudmijntje, Rainy River, een exploratiebedrijfje.
Dat is niet zoals het hoort. Het is risicovol en onvoorzichtig.
Een beetje belegger koopt een goudfonds.          

Als hij wat verder wil gaan koopt hij wat goudmijnen en een wolkje zogenaamde juniors. De juniors zoeken naar goud of hebben net wat gevonden en gaan zo’n ader vervolgens exploiteren.

Een exploratiebedrijf is geen goudmijn maar zoekt alleen naar goud. Vandaar exploratie.
Aan een goudmijn kleven allerlei soorten risico. Geen goud meer, of steeds minder goud, plus de mogelijkheid van een prijsdaling of ongelukken.
Aan een exploratiebedrijf kleeft vooral één risico, dat ze geen goud vinden.
Daarom kopen voorzichtige beleggers nooit aandelen in exploratiebedrijven. U kent immers het gezonde principe van de voorzichtige belegger : verliezen vermijden.
Wie een wolkje van die exploratiebedrijfjes koopt gaat er van uit dat een aantal van hen niets zal opleveren en dat er één of meer een grote vondst doen.
De voorzichtige belegger zou zich dus aan zo’n avontuur kunnen wagen. Willem Middelkoop levert op deze site geregeld ideeën aan voor zo’n strategie en hij noemt ze ook in ons radioprogramma Slapend Rijk (klik hier).

Wanneer de markt erg speculatief is wordt er flink vooruitgelopen op zo’n vondst en is elk persbericht goudgerand. In minder goede tijden zakken de waarderingen van deze bedrijfjes naar een laag niveau.
Dat kan ook gebeuren bij een hoge goudprijs. Exploratieaandelen zijn namelijk vooral aandelen. Wanneer beleggers minder risico willen nemen stappen ze dan ook vaak uit dit soort situaties.
Wie een idee wil krijgen van het reilen en zeilen van de sector heeft daarvoor een gemakkelijk stuk gereedschap, namelijk de index voor niet-gehedgede goudproducenten, de HUI Index.

Waarom zit ik niet in een mandje van dit soort aandelen ?
Eigenlijk heb ik daar niet zo’n goed antwoord op, want de enige echte reden is dat we in de PolderPortefeuille meestal alleen maar doen wat we zelf ook in onze eigen keuken klaarmaken. Er zijn weinig goudbedrijven waarvan ik kan zeggen dat ik goed doorheb waar ze mee bezig zijn. Op een dag ontmoette ik Nelson Baker, de geoloog van Rainy River. Ik kreeg door dat hij bezig was een goudvondst voor te bereiden van grote omvang. Nelson Baker heeft het over meer dan tien miljoen ounces goud.
Als dat uitkomt dan is het bedrijf een veelvoud waard van het bedrag van vandaag en zeker van het bedrag waar ik op instapte. Mijn eerste aankoop was op C$ 1,20 en daarna in stappen nog wat meer, met een laatste aankoop onder de C$ 3,50.
Voor een aardig deel heb ik dus al drie keer mijn inleg terug.
Baker is ook actief in een uranium-exploratiebedrijf en ook daar heb ik een aandeel in gekocht. Dat bedrijfje heet Rampart en zit ook in onze portefeuille.

Dit is dus niet een aanpak die erg professioneel is, naar geldende maatstaven althans, maar voor mij werkt het goed. Ik heb vertrouwen in Baker, zoals lezers ook eerder hebben kunnen merken toen ik hem voor het eerst aan het werk zag (gebruik onze zoekmachine om het stuk te vinden).

De afgelopen dagen stond Rainy River onder sterke opwaartse druk en vrijdag bereikte het aandeel een nieuw hoogtepunt.
E ris een nieuwe koper actief, een beleggingsfonds. Het is goed voor dit soort aandelen dat er institutionele sponsors komen.
Peter Brown, de baas van de Canadese effectenbank Cannacord, is een backer van Baker, wat ook mooi allitereert. Brown is een grote partij, dus follow the money.

Baker’s vader ontdekte ooit een grote hoeveelheid goud, de bekende Hemlo mijn in Ontario. Nelson wil het beter doen dan zijn vader. Zijn broer en zijn zoon zitten ook in Rainy River.
De financiers van het verhaal hebben Baker ooit weggekocht bij zijn werkgever en hem de vrije hand gegeven.
Dat is de echte achtergrond van dit verhaal.

De officiële versie kunt u lezen op http://www.rainyriverresources.com/s/FinancialStatements.asp.

Als ik gelijk krijg gaat dit aandeel nog veel verder naar boven en verkopen we niet voordat we twee cijfers schrijven. Maar voordat we zover zijn moet er nog heel wat geboord worden. Ik verwacht nieuwe boorresultaten in de komende dagen.
De huidige hausse is voor een deel toe te schrijven aan het feit dat de markt niet heeft gereageerd op heel goede resultaten die in de maand juni gepubliceerd werden.
En er was een grote verkoper actief. Of liever gezegd, verkoopster.
Toen ik hoorde wat er in de markt aan de hand was moest ik erg lachen en kreeg ik een idee voor een column, voorlopige werktitel Bitch.

Klamme stad

Van blog tot toch. NYC is klam en nat. Taleb in topvorm. Wat is een fintellectueel ?

Als u deze woorden leest werkt dit blog. Ik denk dat de bloggen niet de wereld gaat veranderen maar dat de blogwereld gaat veranderen. Die gaat anders worden dan nu, maar daar zullen we het in de toekomst nog eens over hebben. Dit weekend was ik in New York en het was daar zweterig, klam, klef en het regende veel en hard.

Het meest kapitalistische aspect van de stad viel mijn jonge reisgezel (14) meteen op. Overal doemen dan parapluverkopers op. In Frankrijk zouden die mensen juist op zo’n moment gaan staken. Tweederde van de Fransen toont zich in een recente internationale opiniepeiling dan ook overtuigd van de volledige nutteloosheid van het kapitalisme. In andere landen zijn de meerderheid van de ondervraagden van het tegenovergestelde overtuigd. Maar goed, driekwart van de Franse jongeren wil het liefst ambtenaar worden vanwege het pensioen. Bonjour tristesse.

Ik was om privé redenen in New York, maar nadat ik mijn reisgezel had afgeleverd op zijn vakantieadres, lunchte ik met Nassim Nicholas Taleb.
Andere mensen zijn dol op Britney Spears, ik heb Taleb. Hij is de auteur van Fooled by Randomness. FbR is nu uit in een tweede herziene druk.
Als u mijn columns leuk genoeg vindt om uw kostbare tijd in mijn gezelschap door te brengen, moet u echt even in uw fooienportemonnee tasten om te investeren in een upgrade tot Taleb. Hij is de meest verfijnde financiële intellectueel die u zich kunt voorstellen. Wiskundige, empiricus, filosoof, psycholoog, hedge fund handelaar en begenadigd schrijver, Taleb is het allemaal. Een fintellectueel en A Beautiful Mind.

Ik ben een fan en vannacht ga ik zijn manuscript lezen. Zijn volgende boek komt dit jaar uit bij Random House. Het is een meesterlijk betoog, onder de titel The Black Swan – The Impact of the Highly Improbable.

Turks callcenter

Door al dat gedoe met afwaardering van de lira en instortende aandelenmarkten worden beleggers een beetje afgeleid van waar de werkelijke waarde nou zit. Lezers van Martin Crum’s verhaal getiteld Turks Fruit (klik hier) weten waar wij het over gaan hebben.
We voegen Turkcell, de Turkse KPN, aan onze portefeuille toe.
Je moet dingen kopen als je denkt dat ze in de toekomst meer waard zullen worden.
Dit in tegenstelling tot allerlei mensen die graag dingen kopen omdat anderen zeggen dat het daar nu heel goed gaat.
Het risico is dan dat er achter je geen stoet runderen klaar staat om het algemeen bekende goede verhaal voor een nog hogere prijs over te nemen.
Nu hebben we niet te maken met runderen maar met beren, al stijgt het aandeel vandaag  mooi. We kochten een minuut geleden op $1O,71 want, zoals Crum al meldde, het leuke van Turkcell is dat je het gewoon in New York, u weet wel, het toekomstige filiaal van Euronext, kunt kopen.
Turkcell gaat natuurlijk niet groeien qua marktaandeel, het bedrijf heeft al 60%. Maar de winstgroei is zo’n 25%, het aandeel kost negen keer de winst van dit jaar en acht keer de winst van volgend jaar en dat is niet de enige reden tot aankoop.Die bewaren we tot het laatst.

We kijken eerst even naar de ARPU, de churn en de MOU. U weet wel, de opbrengst per gebruiker, het percentage afhakers en het aantal minuten per gebruiker.

De ARPU blijft ongeveer hetzelfde, de churn neemt toe naar 3,5%, het aantal minuten per gebruiker neemt licht af en de kosten nemen wat toe, maar weet u wat het is, al past dit niet echt goed bij ons beleid in deze portefeuille, we nemen het ding toch even mee, omdat het in elkaar geplempt is. Dubbel geplempt zelfs, zowel door de val van de Turkse beurs als door die van de lira.

Drie analisten hebben hun waardering dan ook neerwaarts bijgesteld: Morgan Stanley, Merrill en HSBC.
In het geval van HSBC is dat niet erg. Het hoofd van hun effectenbank heeft zélf verklaard dat alles wat zijn analisten produceren waardeloos is. Je vraagt je wel eens af hoe het komt dat allerlei vage consultants toch goed hun brood verdienen met motivatiecursussen, maar nu weten we waarom.
Wij mikken liever op bedrijven die niet erg bekend zijn en waarvan we denken dat ze kunnen verdubbelen in koers. Liever nog zoeken wij naar de Tenbagger. Maar waarom voor de afwisseling niet dit Turkse plemppapier meenemen?
Dat plempen bracht ons namelijk op het echte idee achter onze aankoop, dat we u slechts durven toefluisteren, als u het maar niet aan Crum vertelt, want dat is een rationele analist. Wij denken dat bij de zakkende lira en kelderende beurs er enorm veel margin calls zijn geweest. Daarvan zit vast 60% bij Turkcell, want dat is hun marktaandeel.
Die jongens worden dus rijk van zo’n crash, zeker als die mensen daarna hun bank ook nog moeten bellen om bij te storten.
Overigens, u weet wat Jesse Livermore, de beste speculant van Amerika wiens memoires wij dit weekend weer eens doorbladerden, zei over margin calls ? Rekening direct sluiten, nooit bijstorten. Moet zo’n domme broker u maar geen krediet verlenen. Deed hij zelf ook blijkbaar.
Maar in Turkije gaan ze dan gewoon rondbellen en zo wordt u straks rijk.

Tot slot nog even dit. Ons bereiken aanhoudend goede geluiden over LB Icon. De markten waarop de internetconsultant actief is ontwikkelen zich bijzonder gunstig. Daarnaast lijken de in het vooruitzicht gestelde synergievoordelen (klik hier) inderdaad wel erg conservatief te zijn. Wij pakken ze wederom op in de PolderPortefeuille op € 4,84 na ze eerder met verlies te hebben verkocht.

Michael Kraland


Michael Kraland is columnist bij Inveztor. Disclaimer: Long Turkcell ADR’s en geen positie in LB Icon.

    

Fooled by Randomness

De beste deals vinden vaak daar plaats waar u ze het minst verwacht. De markten zijn op dit moment wat fragiel, er is enige turbulentie. Daarom hebben we deze maand iets speciaals bedacht.

Stel dat iemand u het volgende zou voorstellen. U doet een investering van $14,95. Uw potentiële winst hierop kan enige tonnen bedragen. De kans op verlies is nihil. Collateral profit is bovendien een aanzienlijk subtieler repertoire aan borrelpraat. Beter nog, een aantal mogelijkheden gaan zich voordoen. Mogelijkheden tot intellectuele zelf-ontplooiing, het vergaren van grotere kennis en niet alleen op financieel gebied. Ook in de rest van uw leven.

Dat lijkt te mooi om waar te zijn? Uw mening zegt vooral iets over uzelf en als wij u waren zouden wij hier snel wat aan doen.
Want het is zo eenvoudig. U schaft snel de tweede, herziene druk aan van Fooled by Randomness. Het boek moet bovenstaand bedrag kosten, dat u waarschijnlijk best kunt missen en het gaat over de verborgen rol van toeval in het leven en in de financiële markten.

Als u dit bedrag niet kunt missen, omdat u uzelf al volgeladen hebt met nutteloze, geestvervettende consumptieartikelen bijvoorbeeld. Of als u boeken niet leest maar, zoals wij dat een aantal malen te horen kregen, op uw lijstje zet, maar wel nieuwsgierig bent, lees dan verder.

Wij lazen Fooled een paar jaar geleden, toen het uit kwam. Een sensatie. Nooit eerder had iemand op zo’n elegante manier de rol van toeval samengevat. Bank Insinger de Beaufort had het lumineuze idee de auteur, Nassim Nicholas Taleb, uit te nodigen naar Amsterdam, waar wij met hem spraken. Taleb is een trader, maar ook een filosofisch geschoolde wiskundige. Een intellectueel, een echte, én een man uit de praktijk. Hij is ook een begenadigd stilist.
Normale kansverdeling wekt verwarring, is één van zijn stellingen. In financiële markten kunnen de uitzonderingen grote vorm aannemen. Maar wij blijven denken in termen van de Kromme van Gauss, wat de Angelsaksen de Bell Curve noemen.

Als we 1000 man bij elkaar drijven, zijn die heren gemiddeld misschien 1,80 m groot. Nemen we de grootste man van het land erbij, dan zal dat de score niet veel naar boven doen afwijken. Hetzelfde geldt voor gewicht, hardloopprestaties enzovoorts. Nu nemen wij opnieuw een populatie van 1000 man en meten hun vermogen. We komen uit op een bedrag dat niet ver van het Nederlands gemiddelde af zal liggen.
Nu nodigen wij John de Mol uit zich bij dit gezelschap te voegen en kijk, opeens hebben we, gemiddeld, allemaal miljonairs.

Het omgekeerde kan natuurlijk ook gebeuren. De crash van Long Term Capital Management, het hedge fund dat twee Nobelprijs-winnaars, Robert Merton en Myron Scholes, aan boord had, was een gebeurtenis die maar één keer in de x miljoen jaar kon plaatsvinden. Een Tien Sigma Gebeurtenis, iets met een kans van één miljard maal één miljard, iets dat we ons helemaal niet kunnen voorstellen, dat soort probabiliteit.
En toch gebeurde het.

Soms gebruiken wij elementen van het werk van Taleb en van de door hem bewonderde wiskundige Benoit Mandelbrot, in onze presentaties. Beleggers weten er weinig van, en er valt zo veel te leren, merken we dan.

Eén van de conclusies van Taleb en Mandelbrot is extreme diversificatie. Honderd bedrijven in de VS vertegenwoordigen meer dan de helft van de marktkapitalisatie van de beurs. Als je die mist, mis je veel.
Geen opties gebruiken, omdat 90% waardeloos afloopt is nonsens en het is niet moeilijk aan te geven waarom.
Maar tegelijkertijd waarschuwen we u graag tégen het gebruik van opties, juist omdat de meeste particulieren niets begrijpen van kansberekening en omdat de optiemodellen die gebruikt worden bedacht zijn door dezelfde Nobelprijswinnaar, Myron Scholes, die we al eerder tegenkwamen.

Heel risicovolle beleggingen kunnen uiteindelijk, in combinatie met elkaar, erg winstgevend blijken. Denk aan kansen via goedkoop, vroeg instappen in kleine exploratiebedrijven. Dat zijn ook een vorm van opties.

Goud-exploratiebedrijf Aurelian, dat goud zoekt en vindt in Ecuador, hebben we een paar keer behandeld in Slapend Rijk, onze radio-uitzending op BNR.
Sinds begin dit jaar is Aurelian 3680% omhoog.

Michael Kraland


Disclaimer: geen posities.

Update PolderPortefeuille

Echt positief kan het sentiment niet genoemd worden. Ook de PolderPortefeuille zakt weer terug van een ruime 30% plus voor dit jaar, naar 27,6%. Weliswaar een heel stuk beter dan de AEX, die per saldo achteruit is gekacheld dit jaar, maar minder rendement is gewoon niet leuk.

Allereerst slecht nieuw van TMY. De accountant (bron: Bloomberg) is niet akkoord met de cijfers. Er is niet duidelijk wat precies het probleem is. Duidelijk is wel dat dit soort nieuws in de huidige markt keihard wordt afgestraft. Zodra meer details bekend zijn, komen we hierop terug.

Verder hebben wij, met dank aan onze man in Marbella, een goede manier gevonden om onze dollar-exposure te hedgen. Wij kopen wat callwarrants eur/usd van UBS (isincode: CH0024908854). Deze neemt in waarde toe indien de euro stijgt ten opzichte van de dollar. Het komt feitelijk op hetzelfde neer als het kopen van een put op de dollar.

De warrant kost € 8,70. Elke warrant bestaat uit 100 warrants (callopties) met uitoefenprijs 1,20. Dat betekent dat deze flink in the money is, waardoor er weinig verwachtingswaarde in zit. De warrant loopt tot eind 2007. Het afdekken van $ 10.000 kost 100 warrants á € 8,70. Onze dollarpositie, na afstoting van het Firebird Global A Fund, bedraagt circa $ 215.000 (gebaseerd op huidige marktwaarde). Dat betekent dus de aanschaf van 2100 warrants tegen € 8,70. Een stevige investering van € 18.270. Mocht er alsnog een dollarcrisis uitbreken, dan is dit het echt wel waard. Daar komt bij dat er slechts een verwachtingswaarde in de warrant zit van ongeveer 2%.

Open onderstaand pdf voor de PolderPortefeuille.

Michael Kraland


Disclaimer: long TMY

Update PolderPortefeuille

De markten blijken nog altijd lager te kunnen. Reden het kruit nog even droog te houden. Elke koopactie lijkt op dit moment afgestraft te worden. De AEX kreeg in het laatste half uur handel nog even een schop na. Dat is wellicht een soort mini-capitulatiemoment, maar hoeft niet noodzakelijkerwijs een koopmoment op te leveren. Wij tonen ons nog afwachtend, een technisch gedreven rebound vandaag ten spijt.

Gisteren is alleen bij het begin van de handel op Wall Street de positie in Transmeridian Exploration (TMY) verdubbeld met een aankoop van 15.000 stukken tegen $ 5,41. Dat bleek nog flink lager te kunnen: het dieptepunt voor TMY lag op $ 5,11. Dat niveau lokte koopjesjagers naar de markt en het aandeel sloot uiteindelijk licht boven het aanschafniveau op $ 5,45.

Wij overwogen en overwegen nog steeds een stukje indekking te zoeken tegen een mogelijke harde uitglijder van de dollar, maar vooralsnog trekt deze weer stevig aan ten opzichte van de euro. Timing is everything.

Michael Kraland


Disclaimer: long TMY

Update PolderPortefeuille

De onrust op de financiële markten houdt aan. Beleggers zijn in de ban van inflatie. Terecht zo blijkt: de centrale bank van Thailand, Zuid-Korea en Turkije hebben hun rentetarieven de afgelopen dagen al verhoogd. Het wachten is op de Fed en de ECB.

In de dealingrooms wordt redelijk massaal op de verkoopknoppen gedrukt. Vanochtend opende de AEX zomaar 2% lager en gleed naar een laagste punt van 421,67. Dat doet pijn, ook in de PolderPortefeuille. Gelukkig was vorige week wederom een putspread aangegaan.

Hoewel er nog bepaald geen definitieve bodem is gezet, is de putspread toch gesloten vanochtend. Reden was een relatief groot verschil (credit) tussen de geschreven en gekochte put en omdat er inmiddels duidelijk sprake is van enige paniek onder beleggers. Dat duidt op naderende bodemvorming.

De gekochte puts oct’06 met strike 420 punten leverde bij verkoop € 21,20 op. Niet gek gezien de betaalde premie van € 12,20. Ideaal was het sluitingsmoment desondanks niet: deze put bereikte in de ochtend een hoogste koers van € 25. De geschreven puts oct’06 met strike 400 punten is geclosed op € 12,45. Dat is slechts drie dubbeltjes onder de day-high van € 12,55. Dat levert uiteraard een verlies op, gezien de ontvangen premie bij opening van de transactie van € 9,20. Dat is niet erg, dit wordt zeer royaal gecompenseerd door de winst op de gekochte puts. De gekochte put levert een winst op van € 45.000. De geschreven put geeft een verlies van € 16.250. Per saldo heeft de putspread een winst opgeleverd van € 28.750. Wederom een kleine pleister op de wonde.

Pijnlijk is dat onze stoploss op LB Icon is geraakt. Deze lag op € 5,15. De laagste koers vandaag € 5. Vervelend, maar daarvoor is er nu juist een stoploss onder gelegd. Dat kost een kleine € 4.000. Hoewel wij gecharmeerd zijn en blijven van de internetconsultant, blijken dit soort fondsen erg kwetsbaar in een bearish beursklimaat. Dat blijkt ook duidelijk uit de koersontwikkeling van het gisteren verkochte Galapagos. Deze is terug bij af op het niveau van vóór de bekendmaking van de fraaie deal met GSK. Tijdig uitstappen is óók winst.

Toch kijken wij nu wel inmiddels hier en daar naar wat langere calls. Wellicht nog wat vroeg, maar een aantal fondsen is wel erg hard afgestraft. De bescherming bij de PolderPortefeuille is weg, de komende dagen zal blijken of dat wederom op een juist moment is geweest, of dat er nog meer verkoopdruk zal optreden. Vanmiddag volgt een tweede update met een eerste, voorzichtige aankoop van wat langere calls.

Open onderstaand pdf voor de PolderPortefeuille.

Michael Kraland 


Disclaimer: geen posities.  

Update PolderPortefeuille

De mineurstemming op de beurzen vereist snel schakelen. Schadebeperking is óók geld verdienen. Reden de positie in biotechbedrijf Galapagos met een marginaal verliesje te sluiten. Het bedrijf had vanmorgen uitstekend nieuws en schoot een procent of acht omhoog. Het is in het huidige negatieve beursklimaat echter raadzaam wat terughoudend te blijven voor bedrijven als Galapagos, die het vooral moeten hebben van een fraaie toekomst. De bekendgemaakte deal met GSK wijst hier absoluut op, maar biotech blijft een kwetsbare sector op dit moment.

Verder maken wij ons inmiddels toch ernstig zorgen over de ontwikkeling van de dollar. De PolderPortefeuille bevat relatief veel dollarfondsen, een flinke valutadip kan een grote hap uit ons rendement halen. Wij zoeken nog naar de beste (goedkoopste) manier onze dollar-exposure af te dekken. Wordt vervolgd.

Open onderstaand pdf voor de PolderPortefeuille.

Michael Kraland


Disclaimer: geen positie in Galapagos.
 

Update PolderPortefeuille

De financiële markten blijven negatief gestemd. De PolderPortefeuille noteert echter toch weer een leuke plus en staat inmiddels dit jaar wederom ruim boven de 30% rendement. De AEX is op babsis van het slot gisteren per saldo niks opgeschoten de afgelopen vijf maanden.

Het gedeeltelijke herstel van de PolderPortefeuille is mede te danken aan (eindelijk) een rapportage van hedgefund Firebird Global. Daardoor maakte dit hedge fund een klein sprongetje qua rendement in de portefeuille. Desondanks zal deze per ultimo mei worden verkocht, wij zijn nog in afwachting van de afwikkeling.

Verder bewijst de opnieuw aangegane putspread (klik hier) zijn waarde. Better safe than sorry.

Hoopvol stemt het feit dat het merendeel van de fondsen in de PolderPortefeuille goed blijft liggen. Dit in weerwil van een beurs die toch vooral omlaag lijkt te willen gaan. Zorgen genoeg: een zwakke dollar, stijgende inflatie, centrale banken die aan de renteknoppen zitten. Soms geeft beleggen hoofdpijn.

Aparte vermelding verdient Transmeridian (TMY). Deze positie hebben wij in de PolderPortefeuille gesloten op $ 6,19 (klik hier). Dit vanwege een private placement op $ 5,50. Daarin participeren is echter niet voor een ieder weggelegd. Reden om TMY gisteren toch maar via reguliere weg opnieuw op te nemen op de laatste koers van $ 6,05.

Open onderstaand pdf voor de PolderPortefeuille.

Michael Kraland


Disclaimer: long TMY.